Debatverslag: ‘Jongens uitdagen, meisjes houvast geven’
Marjon Bolwijn
In de Onderwijsagenda zoekt de Volkskrant naar oplossingen voor problemen in het onderwijs. Hoe kan talent van jongens en meisjes beter worden benut, is de vraag van deze vijfde ronde van de Onderwijsagenda. Tijdens het afsluitende debat dinsdagavond in Lux in Nijmegen regende het oplossingen, vooral voor het vraagstuk wat te doen met het ‘jongensprobleem’ in het onderwijs. Steeds meer jongens presteren onder hun kunnen en zitten op het vmbo terwijl ze havo kunnen of op het havo terwijl ze geschikt zijn voor het vwo. En ze halen zesjes terwijl ze meer in hun mars hebben. Bij meisjes moet met name worden geïnvesteerd in hun zelfvertrouwen zodat zij vaker een exact vakkenpakket kiezen.
Eén docent, natuurkundeleraar Kees Hooyman uit Utrecht, denkt dat twee vliegen in één klap zijn te slaan als jaarlijks een ranglijst wordt gepubliceerd van middelbare scholen. Deze moet ingedeeld worden op grond van twee criteria: zijn de vwo-klassen evenwichtig samengesteld wat betreft het aantal meisjes en jongens en kiest een substantieel deel van de meisjes een N-profiel. Hooyman: ‘Scholen zijn heel gevoelig voor ranglijsten.’ dus grote kans dat het effect heeft.’
Maar hoe krijgen scholen het voor elkaar dat jongens beter presteren en meer meisjes exacte vakken kiezen? Hooyman is erin geslaagd jongens uit hun zesjescultuur te halen en meer meisjes in de bovenbouw van havo en vwo in zijn natuurkundeles te krijgen. Zijn devies: uitdagende opdrachten, veel tussentijdse toetsen, de stof klassikaal behandelen in een interactieve les en leerlingen twee-aan-twee vraagstukken laten oplossen.
Dat houdt jongens geboeid en geeft meisjes houvast. Jongens hebben uitdaging nodig en meisjes veel oefening om hen zelfvertrouwen te geven, zo heeft Hooyman ervaren.
Arjan Hakkert, directeur havo/vwo van technasium De Waerdenborch in Holten, ziet veel heil in leerlingen in contact brengen met de beroepspraktijk. Zijn school organiseert speeddates voor meisjes met vrouwen met een technisch beroep en leerlingen voeren in het vak Onderzoek en Ontwerp concrete opdrachten uit voor het bedrijfsleven. Kennismaking met de praktijk, wekt belangstelling voor technische vakken en dus beta-vakken, redeneert hij.
Joost van Rijn, rector van scholengemeenschap Lek en Linge in Culemborg, ziet met lede ogen aan hoe de vwo-klassen meisjesklassen worden. Hij denkt dat jongens op de middelbare school geholpen zijn met minder werkstukken en minder reflecteren. En vooral: uitdagend onderwijs, waarin de leerling eisen worden gesteld en niet aan hun lot worden overgelaten met zelfstandig werken.
‘Als uit hersenonderzoek blijkt dat jongeren rond hun vijftiende niet in staat zijn tot zelfstandig werken, laten we dat dan ook niet van hen vragen. Docenten met intellectueel vlees op de botten moeten leerlingen bij de hand nemen, hen een worst voorhouden en hoge verwachtingen stellen. Leren samenwerken is belangrijk, maar competitie eveneens. Dat boeit jongens en helpt meisjes op de werkvloer door het glazen plafond.’
Wat Van Rijn betreft krijgen docenten tijd hun eigen lesmateriaal te ontwikkelen. ‘Dat vinden ze hartstikke leuk en Zo kunnen ze meer dan in de huidige schoolboeken rekening houden met de verschillende manier waarop jongens en meisjes leren. Jongens via trial and error, meisjes door stap-voor-stap-leren.’
Hersenwetenschapper Lydia Krabbendam, verbonden aan het Centrum voor Brein & Leren maakte inzichtelijk dat jongens in een groep in beweging komen als er een competitie-element is. Meisjes raken verlamd of onzeker bij informatie dat ‘anderen’ ergens beter in zijn dan zij. Krabbendam: ‘Het is dus belangrijk de verschillen tussen jongens en meisjes te kennen maar niet te benadrukken want dat werkt verschillen juist in de hand.’

Reacties
Laat een reactie achter Trackback