Ferry Haan
Een goede docent heeft vakkennis, relativeert en zet door. Die kwaliteiten zijn lastig in één persoon te vinden. Maar wie ze heeft, heeft een geweldig leven op het podium in het klaslokaal.
‘Het onderwijs is één groot theater’, roepen ervaren krachten in koor. Ze hebben gelijk. De docent is een podiumkunstenaar die zeven voorstellingen per dag geeft. Dat is niet iedereen gegeven.

De leerlingen van nu verlangen niet veel van een docent. Ze hebben eigenlijk maar één eis: ‘Boei, of ik schiet.’ Wanneer de scholier geboeid is, dan kan er heel veel en is het een feest om voor de klas te staan. Wordt de puber matig gevoed, dan duurt een lesuur ineens heel lang.

Wegzappen
Het boeien van jongeren is niet eenvoudig. Ze zappen snel weg naar andere verleidingen wanneer hun aandacht niet gevangen blijft. Of ze sneller hun aandacht verliezen dan ik zelf deed toen ik in de schoolbanken zat (in de jaren tachtig), weet ik niet. Ik vermoed van wel.

De kunst van het lesgeven, is de kunst van het vasthouden van aandacht. Dat hoeft niet per se aandacht voor de persoon van de leraar te zijn. Aandacht voor een goed ontworpen opdracht werkt ook. Wanneer de leerlingen hun aandacht erbij hebben en die richten, dan leren ze. Dat is wat onderwijs beoogt.
Ergens in het afgelopen jaar, mijn tweede in het onderwijs, ben ik mij ervan bewust geworden dat ik nu een podiumartiest ben. Ik geef vier tot zeven voorstellingen per dag. Voor verschillende doelgroepen. Pubervoorstellingen voor 14-jarigen in havo 3. De grotemensenwereldvoorstelling is voor 6 vwo met bijna volwassenen van 18, soms zelfs 19 jaar.

Verschil
Er is hierbij een groot verschil met voorstellingen in een theater. Mijn publiek heeft geen geld betaald voor de voorstelling. Ze nemen plaats, omdat ze anders gestraft worden voor spijbelen. Het publiek van de docent zit onder dwang in het klaslokaal.
Ga er maar aan staan.

De grote vraag is natuurlijk wat een docent moet kunnen om dit moeilijke publiek te bereiken en te pakken. Wat mij betreft moet de artiest, allereerst en allerbelangrijkst, geven om de leerlingen. Het klinkt misschien een beetje pathetisch, maar een docent die niet ‘houdt’ van zijn leerlingen, kan er beter mee ophouden.

Betrokkenheid bij de levens van jongeren, waarin zo veel gebeurt op de middelbare school, is de sleutel. Veel leerlingen leren niet voor zichzelf, maar voor de leraar. Wanneer er een band is tussen beiden dan vliegen de cijfers omhoog.
Om de rol van docent te kunnen vervullen op het podium voor de klas, moet de kunstenaar kunnen spelen met zijn emoties. Op het toneel moet alles met nadruk. Alles wordt uitvergroot. Blijheid, boosheid, tevredenheid, teleurstelling. Ik uit me in de klas veel overdrevener dan ik thuis doe, heb ik gemerkt. Dit toneelspel in het docentenbestaan zit in geen enkele docentenopleiding. Het helpt enorm bij het orde houden in een klas.

De kunst van het lesgeven, is de kunst van het vasthouden van aandacht.

Ster
Tegelijkertijd is de goede docent een ster in relativeren. De eigen rol, hoe overdreven ook, moet niet te serieus genomen worden. Zelfmedelijden is dodelijk. Humor is een goudmijn. Niet elke aanval van een teleurgestelde leerling is persoonlijk. Niet elke maatregel van een schoolbestuur is vijandig. De docent die zich het makkelijkst door het leven slaat, heeft een olifantenhuid. Hij snapt wat er gebeurt en kan om zichzelf lachen.

De boeiende docent op zijn podium is natuurlijk meer dan alleen vorm. Hij moet weten waar hij het over heeft. Leerlingen prikken snel door je heen, wanneer je inhoudelijk hol bent. Enthousiasme voor het vak helpt flink. Waarom zouden leerlingen zich inspannen voor een vak, waarvan de docent uitstraalt dat het er niet toe doet?
Hieraan zou je kunnen toevoegen dat alleen bevoegde docenten voor de klas zouden mogen staan. Maar dat doe ik niet. Wat mij betreft is het vooral belangrijk dat er goede mensen voor de klas komen. Op mijn docentenopleiding heb ik genoeg voorbeelden gezien van mensen die in het onderwijs niet veel te zoeken hebben, maar die wel hun bevoegdheid haalden. De vakinhoud wordt ook helemaal niet getoetst op de docentenopleiding. De vorm bepaalt.

Doorzettingsvermogen is gewenst. Voor een beginneling is het onderwijs enorm overweldigend. Zelfs wanneer de beginneling 42 jaar oud is, zoals ik vorig jaar was. Veel tijd voor nadenken is er niet in een klas met kinderen. De reactie op elke gebeurtenis moet in een fractie van een seconde volgen. De ervaren docent herkent situaties. De beginneling krijgt te veel informatie.

Begin
Wanneer het onderwijs een begin wil maken met het oplossen van het docententekort, dan zouden allereerst nieuwe docenten beter beschermd moeten worden. Het komt veel voor dat jonge, veelbelovende leraren voor de leeuwen worden gegooid. Geen wonder dat veel docenten binnen een paar jaar teleurgesteld afdruipen. Aan de andere kant is er in het onderwijs ook geen enkel selectiemechanisme om mensen die niet op hun plek zitten, de deur te wijzen. Ook slechte docenten moeten decennia door. Ze hebben zelf een rotleven, maar ze schaden ook het leven van de leerling.

De goede docent heeft echter een kwaliteit van leven waar menig kantoorslaaf jaloers op kan zijn. Maar hiervoor moet je wel wat kunnen. Makkelijk communiceren. Relativeren. Doorzetten. Vakkennis. Vind dit soort eigenschappen maar eens in één persoon tegen de arbeidsvoorwaarden die het huidige onderwijs kan bieden. Aan de andere kant hebben mensen die hierover beschikken, of het kunnen aanleren, een geweldig leven op het podium in het klaslokaal.